Posts tonen met het label app. Alle posts tonen
Posts tonen met het label app. Alle posts tonen

zaterdag 15 maart 2014

Verbeteren of echt verníeuwen? Open data als aanjager voor de doe-democratie

Een poosje terug las ik de column van Marian Donner in NRC Next (lees 'm hier) de rake zinsnede "ooit droomden techneuten van bewoonbare ruimtestations, nu dromen ze van de snelste en leukste manier om cappuccino te bestellen.".
Heel erg herkenbaar, ook in "open dataland" waar we dankzij de vrijelijk stromende data gemakkelijker een WC of Wipkip vinden, nooit meer in het spoorboekje hoeven te bladeren op zoek naar de treintijden, en de melding "scheefstaande lantaarnpaal" of "kapotte stoeptegel" (of was het andersom) nog nooit snel richting de backoffice van de gemeentelijke organisatie hebben gekregen. (een combinatie van bovenstaande kan ook: de App "treintoilet" toont welke treinen wel of geen WC aan boord hebben).

Op zich allemaal nuttige toepassingen met vooral een hoog lifehacking gehalte: bestaande handelingen of processen een stukje gemakkelijker maken, een beetje verbeteren. Net zoals je tegenwoordig in ieder GIS-pakket met Python een scriptje in elkaar draait om die immer terugkerende routineklus met de spreekwoordelijke druk op de knop uit te kunnen voeren. En zoals de stofzuiger tegenwoordig zelf zijn weg door het huis vindt, in plaats van dat je -alsof je in een clip van Queen speelt- dat apparaat aan de hand stang mee moet nemen op zijn weg door woon- en slaapkamer.


Maar valt er met die open data nou niet méér te doen dan die verbeteringen? Kunnen er nou niet  échte vernieuwingen mee tot stand worden gebracht? Werkt dat wellicht alleen wanneer open data een rol speelt in tweerichtingsverkeer, bijvoorbeeld in een crowdsourcing context? Zoals nu gebeurt met OpenStreetMap (OSM), waar de panden en adressen uit de BAG worden geïmporteerd, maar wel zodanig gecontroleerd dat OSM straks wellicht "een betere BAG dan de BAG" bevat. Open data als aanjager voor het actief krijgen van die burgers die nu alleen reactief melden dat het huisvuil weer eens niet is opgehaald. En zo steeds meer opschuiven van informeren, inspraak en burgerparticipatie naar burgerinitiatief, zelfbeheer en meer van dat moois.  Als je er zo naar kijkt is open data hét middel om tot een compacte overheid te komen, maar dat zie ik in weinig liberale gemeentelijke verkiezingsprogramma's terug.

Voor de geo-beroepsgroep én voor iedereen die met open data bezig is kan ik het rapport "Deel je rijk" uit 2013 aanraden. De ondertitel "relevante trends voor overheidsinformatie" laat het misschien niet direct blijken, maar van de 37 gesignaleerde trends heeft zeker de helft een directe relatie met open data, user generated content, of met platforms voor samenwerking. En ofschoon geschreven vanuit de impact voor de Rijksoverheid is het rapport net zo gemakkelijk te projecteren op provincies en gemeenten.

woensdag 8 januari 2014

"kijken zonder reclame of "de gesponsorde overheid"?

Met het gebruik van Google Maps in overheidswebsites laaide in geo-land een paar jaar geleden de discussie op of we dat nou wel zouden moeten willen. Naast de geokwaliteitsaspecten werd het argument dat Google de kaart ongevraagd van reclame kan voorzien hierbij vaak aangedragen. Niet voor niets werd de overheidsviewer Geozet in 2011 met de slogan "kijken zonder reclame" gelanceerd. Met de opmars van Apps, en de open data die daarvoor als "brandstof" kan dienen is dat reclame-aspect nog steeds aan de orde. En ik merk dat "100% reclamevrij" daarbij vaak als onwrikbaar uitgangspunt wordt gehanteerd.

En dat is vreemd, want al sinds jaar en dag laten gemeenten wel hun informatiegids vervaardigen door commerciële aanbieders. Om een of andere reden zit "Suurland's Vademecum" als een institutioneel begrip in mijn hoofd geprent, maar tegenwoordig zijn het Akse, Kleine Media en FMR die de gemeentegidsen uitbrengen. Ook in 2014 nog vrijwel overal in papieren vorm, zij het dat de uitgever naast de klassieke gids ook websites en apps verzorgen. Ze bekostigen die gidsen vanouds door bedrijven te verleiden tot het plaatsen van reclame, met als "unique selling point" dat het de officiële gemeentegids betreft. Dat leidt soms tot tragi-komsiche taferelen, als de concurrent de bedrijfsdeuren langs gaat met de vraag of men advertentieruimte wil kopen in de gemeentegids, waarbij het dan om een niet officiële variant blijkt te gaan.

Zo'n model kun je natuurlijk ook op meer overheidswebsites en apps loslaten: reclame mag, maar de site of app kan wel een stempel "door de gemeente Juinen goedgekeurde officiële app voor meldingen openbare ruimte" verkrijgen. Waarbij onderdeel van die gemeentelijke goedkeuring een reclamecode is. Ook voor thematische overheidswebsites kan reclame interessant zijn: de plaatselijke architect of aannemer zal best willen adverteren op RO-Online, of op Omgevingsloket Online. Daar zit immers de doelgroep!
De 21e eeuwse valkuil zit hem natuurlijk in het verzamelen van persoonlijke gegevens: als de uitbater van website, app (of kaart daarin, zoals Google) met een cookie nauwkeurig kan bijhouden welke pagina's ik raadpleeg en daar de advertenties op kan afstemmen en (de logische stap verder) deze informatie weer verder kan vermarkten wordt het een ander verhaal.

Niet alleen in die aloude gemeentegidsen is sponsoring een bekend fenomeen: Amsterdam Zuidoost laat al sinds de jaren 90 van de vorige eeuw haar straatnaamborden sponsoren, en de laatste (crisis-)jaren zijn steeds meer er toe overgegaan hun fraai aangelegde rotonde te vermarkten onder het motto "deze rotonde wordt u aangeboden door bakkerij De Jong". Dat concept kan natuurlijk nog veel verder worden uitgebreid: als Rijkswaterstaat de knooppunten, bruggen en tunnels laat sponsoren krijgt de verkeersinformatie een heel nieuwe dimensie: "voor de ABN-Amro-Coentunnel staat een file van 6 kilometer. Verkeer wordt geadviseerd om te rijden via de Rabo-Zeeburgertunnel".

Terug naar geo, want het kan nog allemaal een stap verder: Google heeft in 2010 een patent verkregen op de techniek om billboard en andere reclamezuilen in Streetview "over te plakken" met eigen reclame. Zo worden de door gemeentelijke GIS-afdeling verzamelde statistieken over welke deel van de kaart het meest worden bekeken extra waardevol: die plaatsen lenen zich voor reclame, "ingeschoren" in grasvelden, of op daken van voetbaltribunes bijvoorbeeld. Dan heeft de VPRO met Nederland van Boven ook een nieuw verdienmodel!

woensdag 17 oktober 2012

"Waar is de BAG, hier is de BAG!" : de BAG als ultieme geocache

Sinds de brede verspreiding van goedkope GPS ontvangers is geocaching een populair tijdverdrijf geworden: verstop een schat in een holle boom, gat in de grond of onder je deurmat, en geef wat aanwijzingen waarmee de schatzoekers op pad kunnen gaan. Die aanwijzingen kunnen de coördinaten van de vindplaats zijn, maar leuker en spannender is het als er tussendoor puzzels moeten worden opgelost, opdrachten worden vervuld en wat al niet meer.
Terzijde wat historisch besef: Kees van Kooten en Wim de Bie introduceerden het fenomeen in 1984 door een kistje met een duizendje (gulden!) bij de Pyramide van Austerlitz te begraven. Dat gaf 's nachts nogal wat reuring op de Utrechtse Heuvelrug, zoals het "Volksdagblad de Waarheid" de dag er na berichtte. Andere tijden!

Voor App bouwers die met open data aan de slag willen is een lijst met coördinaten van de Nederlandse adressen de ultieme heilige graal. Aangezien de rijksoverheid openheid en waardecreatie heel belangrijk vind is de basisregistratie adressen en gebouwen (BAG) als open data beschikbaar gesteld. Nou ja, je moest nog wel even 150 euro bij wijze van verstrekkingskosten bij het Kadaster achterlaten, en per maandelijkse update nog eens 10 euro betalen. Maar daar krijg je wel 8 miljoen adressen voor terug, dus per adres eigenlijk een schijntje.

Sinds medio juni kun je die 150 euro en dat maandelijkse tientje in de pocket houden door gebruik te maken van de gratis versie zoals aangeboden door de geomotor van Nederland: PDOK. Om het leuk en spannend te maken moet je ook hier wat raadsels oplossen.
Na je vingers blauw getypt te hebben aan de URL www.nationaalgeoregister.nl en vervolgens "adressen" als zoekterm te hebben ingevoerd verschijnt een lijstje van 18 hits. Eentje scoort een relevantie van 100%, de overige 17 0%. Dat zou je op het verkeerde been kunnen zetten, gewoon negeren is het beste. In de top 5 staan een "Inspire View Service PDOK voor (..) adressen (..)", "adressen", "adressen WMS", "Inspire adressen WFS", en op 5 de eerste commerciële aanbieder (BridGIS) met "adresservice".

Die "view service" en "WMS" (beide van de Rijksoverheid) blijken evenals de "adressen" van Kadaster services te zijn die alleen een plaatje opleveren, waarvan de URL die naar de webservice stuit op een "error 404 - not found". Vooruit, een aanwijzing: type "request=getcapabilites" achter die URL en je krijgt er wel allerlei inhoudelijke en technische informatie over.
Maar we willen echte data, dus die WFS lijkt wel wat. en inderdaad, na wat gepuzzle levert de URL http://geodata.nationaalgeoregister.nl/inspireadressen/wfs?request=getFeature&typename=inspireadressen&outputformat=JSON 4Mb aan download op. Helaas levert het PDOK motortje maximaal 15.000 objecten per request, dus om via deze weg heel Nederland bij elkaar te sparen moet je zo'n 1000 requests afvuren en daarbij bijvoorbeeld telkens een andere bounding box opgeven. Dat gaat 'm niet worden.

Nog even terug naar de NGR-hitlist dan maar, en verdomd, verstopt op nummer 7 staat daar een "Inspire Download Service van adressen (inspire adressen)". klikkerdeklik, dat leidt naar http://geodata.nationaalgeoregister.nl/inspireadressen/atom/inspireadressen.xml Kijk, nu wordt het wat: complete BAG-n van een 4 tal datums, met als meest recente 8 augustus. Downloaden maar, en ja hoor, en stroomt 1.3 Gb naar binnen. Die kwantiteit is een goed voorteken! Na unzippen blijkt er naast 7 ZIPfiles een leveringsdocument-BAG-extract.xml in te zitten. Als ik daar in puzzel zie ik onder meer dat het  draaimoment van deze dataset 8 augustus, half tien 's ochtends is.

(Wanneer de volgende zending komt is niet geheel duidelijk; er zat een regelmaat van 1x per maand in, na 8 augustus is de aanvoer stilgevallen. Als het goed is hoor ik binnenkort van het Kadaster meer over het leveringsplan)

Maar liefst 7 zipfiles heb ik nu. Eén met STA in de naam, een NUM, een PND een OPR een WPL, een LIG en een VBO. Dankzij Herko Coomans' onvolprezen "Hitchhikers Guide to the BAG" weet ik dat er nummers, panden, woonplaatsen, verblijfsobjecten, standplaatsen en ligplaatsen in moeten zitten, dus dat puzzeltje valt ook wel op te lossen.

Nog wel wat lastig dat die 7 zips soms weer uit meer dan één XML met de echte inhoud bestaan, omdat er een maximale grootte van 20 Mb per bestand is gehanteerd, dus dat weer even aan elkaar metselen. Gelukkig is er voor die technische puzzels uit de vorig alinea een kant-en-klare oplossing om het hele spul in een PostGIS database te prakken: nlextract.

Kortom, de geocache die BAG heet is gevonden. Champagne, ballonnen! Op nar de volgende geoschat, want zo'n inhoudeljke en technische geospeurtocht smaakt naar meer.

(voor deze usecase het verslag van deze "geocache" heb ik me onder meer laten inspireren door Erik Romijn's verhaal "De Weg Kwijt? De Zoektocht van een App Maker door Geo-informatiesystemen" op de OSGeo.nl dag op 28 juni in Velp en vele vragen op Twitter en LinkedIn van "neo-geo's die zich een slag in de rondte zochten naar de BAG.

dinsdag 24 april 2012

GIS, kunst en opsporing verzocht: een bronzen combinatie

Dat kartografie een vorm van kunst is mag als bekend worden verondersteld. Daarmee leek de belangstelling van de geo-sector voor deze "linkse hobby" wel op te houden, maar daar is verandering in gekomen.

Sommige gemeenten hebben in hun geoviewer al een thema kunst in de openbare ruimte opgenomen, soms met achterliggende informatie over het object en de kunstenaar. En ook bij diverse open data events blijkt kunst op straat een dankbaar onderwerp om in een app te verwerken. Het feit dat bij afdelingen cuiltuur het vrijgeven van data over kunstwerken draagt daar natuurlijk ruimschoots aan bij.

Bij die apps en viewers was het idee dat de kunst (het object) qua locatie statisch was, en de de gebruiker (het waarnemende subject) dynamisch, en daarom van een App voor de smartphone met GPS moest worden voorzien.

Een bericht in de NRC Next van 24 april 2012 leert dat er nog meer geo in kunst zit. Door toenemende diefstallen van bronzen beelden zien meer en meer gemeenten zich genoodzaakt hun kunst naar binnen te halen. Vorige maand werden uit het beeldenpark Beerschoten in De Bilt (dat is nota bene de plek waar mijn geocarrière is begonnen!) een drietal beelden van hun sokkel gerukt om daarmee zo'n 500 euro aan waarde van het brons te cashen.

Het Arnhemse bedrijf Scope Solutions heeft een systeem ontwikkeld waarmee bij forse beweging de GPS positie van het kunstwerk wordt doorgepiept aan de alarmcentrale. Lijkt mij leuk als die data als open data beschikbaar kan worden gesteld, liefst in een dynamische webservice die de gemeenten in hun geoviewer kunnen integeren. Een spannende combinatie van cultuur en opsporing verzocht!